Beheer Jira

  1. Inloggen en accountinstellingen:
    • Om toegang te krijgen tot Jira, moet u uw inloggegevens invoeren op de Jira-inlogpagina. Als u toegang hebt tot meerdere Jira-instanties, selecteert u de juiste instantie voordat u uw inloggegevens invoert. Zodra u bent ingelogd, kunt u uw accountinstellingen wijzigen door op uw profielfoto te klikken en “Profiel bewerken” te selecteren. In de profielinstellingen kunt u uw naam, e-mailadres, taalvoorkeuren en andere persoonlijke informatie wijzigen.
  2. Projecten maken en configureren:
    • Jira is een tool voor het beheren van projecten en taken. Om een nieuw project te maken, klikt u op de knop “Projecten” in het Jira-dashboard en selecteert u “Een project maken”. U kunt vervolgens het type project kiezen en de naam, sleutel en beschrijving opgeven. Nadat u het project hebt gemaakt, kunt u het configureren door de workflows, statussen, velden en andere instellingen te definiëren.
      • Workflow-configuratie: Workflows definiëren het pad dat een item volgt van creatie tot oplossing. Jira biedt een aantal voorgedefinieerde workflows die u kunt gebruiken, maar u kunt ook uw eigen workflows maken. Om workflows te configureren, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Workflows”. U kunt vervolgens een workflow kiezen om te bewerken of een nieuwe workflow maken. Een workflow bestaat uit een of meer statussen en overgangen tussen die statussen. U kunt ook specifieke acties definiëren die moeten worden uitgevoerd wanneer items overgaan van de ene naar de andere status.
      • Status-configuratie: Statussen zijn de verschillende stappen die een item doorloopt tijdens de levenscyclus. Om statussen te configureren, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Statussen”. U kunt vervolgens nieuwe statussen maken of bestaande statussen bewerken. Elke status kan worden gekoppeld aan specifieke acties en workflows.
      • Veld-configuratie: Velden zijn de gegevens die u wilt vastleggen voor items in Jira. Om velden te configureren, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Aangepaste velden”. U kunt vervolgens nieuwe velden maken of bestaande velden bewerken. U kunt velden koppelen aan specifieke schermen en workflows.
  3. Rollen en gebruikers beheren:
    • Jira biedt een aantal vooraf gedefinieerde rollen, waaronder beheerder, projectleider, ontwikkelaar en tester. U kunt ook aangepaste rollen maken. Rollen definiëren de toegang en machtigingen die gebruikers hebben in Jira. Om rollen en gebruikers te beheren, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Gebruikersbeheer”. U kunt vervolgens gebruikers toevoegen of verwijderen, rollen toewijzen en machtigingen configureren voor specifieke gebruikers of rollen. Hier zijn enkele veelvoorkomende taken die u kunt uitvoeren:
  • Gebruikers toevoegen: Om gebruikers toe te voegen, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Gebruikersbeheer”. Klik vervolgens op “Gebruiker toevoegen” en vul de vereiste informatie in, zoals naam en e-mailadres. U kunt ook gebruikers uitnodigen om lid te worden van Jira door een uitnodigingslink te delen.
  • Rollen toewijzen: Om rollen toe te wijzen, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Projecten”. Klik vervolgens op het gewenste project en selecteer “Projectinstellingen”. Kies vervolgens “Gebruikersbeheer” en wijs rollen toe aan specifieke gebruikers of groepen.
  • Machtigingen configureren: Om de machtigingen voor specifieke gebruikers of rollen te configureren, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Globale machtigingen” of “Projectmachtigingen”. U kunt vervolgens de gewenste machtigingen toewijzen aan specifieke gebruikers of rollen, zoals het maken van items, het bijwerken van items of het bekijken van rapporten.

Jira biedt verschillende rapporten en dashboards om de voortgang van projecten en taken te volgen. Hier zijn enkele veelvoorkomende rapporten en dashboards:

  • Burndown-diagram: Het Burndown-diagram toont de resterende taken en de geschatte tijd om de taken te voltooien. Het diagram kan worden gebruikt om de voortgang van het project te volgen en te voorspellen wanneer het project zal worden voltooid.
  • Dashboard: Het dashboard biedt een overzicht van de belangrijkste prestatie-indicatoren voor een project, zoals de voortgang van taken, de status van items en de tijdlijn van het project. U kunt widgets toevoegen aan het dashboard om specifieke rapporten en informatie weer te geven.
  • Rapporten: Jira biedt verschillende rapporten, zoals de status van items, de productiviteit van teamleden en de doorlooptijd van taken. U kunt de rapporten aanpassen om specifieke informatie te tonen en de gegevens te filteren op basis van de criteria die u kiest.
  1. Back-up en herstel:
  • Het is belangrijk om regelmatig back-ups van Jira te maken om gegevensverlies te voorkomen. U kunt back-ups handmatig maken of een geautomatiseerd back-upproces instellen. Als er gegevensverlies optreedt, kunt u Jira herstellen vanuit de back-up.
  • Back-up maken: Om een back-up te maken, gaat u naar “Beheer” in het Jira-dashboard en selecteert u “Systeem”. Klik vervolgens op “Back-up maken” en selecteer de gewenste opties, zoals de locatie van de back-upbestanden en de gegevens die moeten worden opgenomen.
  • Herstellen:

Als u Jira moet herstellen vanuit een back-up, zijn hier de stappen die u moet volgen:

  • Stop Jira: U moet Jira stoppen voordat u de herstelprocedure start.
  • Herstel Jira-bestanden: U moet de Jira-bestanden herstellen vanaf de back-uplocatie naar de Jira-installatiemap. Zorg ervoor dat u de juiste back-upbestanden gebruikt.
  • Herstel de database: Als u een database gebruikt, moet u de database herstellen vanuit de back-up. Raadpleeg de documentatie van uw database voor meer informatie over het herstellen van de database.
  • Start Jira: Nadat u de bestanden en de database hebt hersteld, kunt u Jira starten en controleren of alles naar behoren werkt.

Upgraden:

  • Jira biedt regelmatig updates met nieuwe functies en bugfixes. Het is belangrijk om Jira up-to-date te houden om te profiteren van de nieuwste functies en om beveiligingsproblemen te voorkomen. Hier zijn de stappen die u moet volgen om Jira bij te werken:
  • Maak een back-up: Voordat u Jira bijwerkt, moet u een back-up van uw gegevens maken.
  • Controleer de compatibiliteit: Controleer of de versie van Jira die u wilt installeren compatibel is met uw huidige versie.
  • Download en installeer de nieuwe versie: Download de nieuwe versie van Jira en installeer deze op uw systeem. Volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
  • Start Jira: Nadat u de nieuwe versie hebt geïnstalleerd, kunt u Jira starten en controleren of alles naar behoren werkt.

OndeAls u problemen ondervindt bij het gebruik van Jira, biedt Atlassian ondersteuning via de Atlassian Community en het Atlassian Support Portal. U kunt ook hulp krijgen van andere gebruikers in de community. Zorg ervoor dat u de documentatie van Jira raadpleegt voordat u om hulp vraagt, omdat het antwoord op uw vraag mogelijk al in de documentatie staat.rsteuning:

Conclusie:

Het beheren van Jira vereist een goed begrip van de verschillende functies en mogelijkheden van het platform. Met de juiste kennis en tools kunt u Jira effectief beheren en uw projecten en taken op een georganiseerde en efficiënte manier beheren. Door regelmatig back-ups te maken, Jira bij te werken en gebruik te maken van de beschikbare rapporten en dashboards, kunt u uw werkproces verbeteren en uw doelen bereiken.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Scroll naar boven